Omgaan met de verandering in het gebruik van CFK’s

Vanaf januari 2010 verbiedt de EU regelgeving voor ozonaantastende stoffen het gebruik van CFK’s in het algemene onderhoud.
Vanaf 2015 zal ook elke andere toepassing van CFK’s verboden worden. De nieuwe regelgeving betreft vooral bedrijven die veel met CFK’s werken in proceskoeling en industriële koelinstallaties. Zij zullen het koudemiddel uit hun processen moeten verwijderen en het vervangen.

Edwin van Opijnen is sales manager bij Aggreko. Hij vertelt over de gevolgen voor bedrijven in de praktijk en hoe de verhuurder is omgegaan met de eigen verhuurvloot aan chillers. “Hoewel het nog steeds niet duidelijk is in welke mate CFK’s de opwarming van de aarde precies beïnvloedt, merken we dat veel bedrijven bijtijds zijn begonnen met het nemen van maatregelen. Toch zullen er nog heel wat slagen gemaakt moeten worden om de CFK’s vanaf 2015 volledig uit te bannen.”

Retrofitten
Van Opijnen ziet een aantal mogelijkheden om CFK’s te verwijderen uit de processen. “De belangrijkste is het retrofitten van de systemen en het vervangen van de CFK’s met een geschikt koudemiddel zoals R407c of R404a. Daarvoor zul je sommige onderdelen moeten upgraden. Een tweede mogelijkheid is het vervangen van de complete installatie. Hier kiest de meerderheid van de bedrijven voor, vanwege de onvoorspelbare kosten voor onderhoud en reparatie van de geretrofitte koelinstallatie. Door een nieuwe installatie te plaatsen krijgen bedrijven trouwens een unieke kans om de bestaande processen efficiënter in te richten. Je moet er dan wel voor zorgen dat de bedrijfsactiviteiten zo min mogelijk hinder ondervinden van de inpassing van de nieuwe installatie in het systeem. Je moet gedurende een dergelijk project effectief en efficiënt gebruik kunnen blijven maken van het bestaande proces.”

Eigen vloot eerst
Als voorbeeld noemt Van Opijnen de eigen verhuurvloot van Aggreko. Wereldwijd gaat het om zo’n 850 chillers, samen goed voor 280MW aan koelcapaciteit. “Bij het retrofitten van onze chillers, een paar jaar geleden, hebben we uitvoerig getest. Hierbij werden de CFK’s vervangen door R407c en hebben engineers de toestellen steeds op beide koudemiddelen gebenchmarked. Dat gaf uiteindelijk een prestatieverlies van zo’n 10 à 15 procent. Daarnaast hebben we de kosten voor het vervangen van onderdelen zoals compressoren en filters geanalyseerd. En we hebben een inschatting gemaakt van de prijsontwikkeling van koudemiddelen met CFK’s. Die worden steeds duurder naarmate ze schaarser worden. Helemaal na 2010, dan zullen bedrijven ook de hergebruikte middelen duur gaan betalen. Uiteindelijk heeft Aggreko in 2002, na een technische en financiële analyse, besloten om te investeren in nieuwe, milieuvriendelijke chillers. Alle chillers tussen de acht en tien jaar oud zijn toen vervangen. Tegenwoordig gebruiken we in 95 procent van onze chillers R407c of R404a. De overige vijf procent wordt dit jaar vervangen.”

Draaien op dezelfde condities
Een verwijderingsoperatie gaat een bedrijf niet in de koude kleren zitten. Van Opijnen weet uit ervaring dat een soepele overgang erg belangrijk is om downtime te minimaliseren. “De volledige verwijdering van CFK’s moet je op een operationele plant echt zorgvuldig organiseren. Het is en blijft een kwestie van interne communicatie en een goede voorbereiding op wat komen gaat. Stel vast wat je precies nodig hebt om zonder vertraging door te kunnen draaien, tijdens het afwikkelen van het verwijderingsprogramma. Welke processen hebben een back-up voorziening nodig, of juist extra koelcapaciteit? Bij sommige klanten hebben we gemerkt dat er gas ontsnapt, door het verschil in molecuulgrootte van de verschillende koudemiddelen. In zulke gevallen kan een stand-by chiller ervoor zorgen dat je bedrijfsprocessen geen vertraging oplopen. Bij andere klanten hebben we juist gezien dat er aanvullende koelcapaciteit nodig was bij het wisselen van de koudemiddelen, om het prestatieverlies te compenseren. Huren kan de ideale oplossing zijn, als je op dezelfde condities wilt blijven draaien.”

Voeding op de juiste plek
Een tijdelijke koelunit plaatsen is geen kwestie van even een blauwe doos neerzetten. Op de plant moet men zo min mogelijk hinder ondervinden van de werkzaamheden. Van Opijnen: “Let op de positie van de hydraulische aansluitingen en de stroombron. Als je die vlakbij hebt, ben je vrij in het bepalen van de positie van de chiller en kun je het beste uit een systeem halen. Aggreko heeft veel ervaring in het opstellen van dergelijke systemen. Je kunt soms heel creatief gebruik maken van de locatie om de beste configuratie te verkrijgen. We bouwen onze apparatuur zelf en kennen onze plicht om met goede oplossingen te komen voor zaken als energieverbruik, gewenste capaciteit, geluidsniveau, veiligheid en beschikbare ruimte op locatie. Ook deze nieuwe regelgeving voor CFK’s hebben we aangegrepen om onze klanten te laten zien dat hun equipment kan worden onderhouden, aangepast, of een upgrade kan krijgen, zonder dat dit een effect hoeft te hebben op de dagelijkse bedrijfsvoering.”

Koeltoren in F&B industrie

Gerelateerde pagina's